Spelregels backgammon
Het doel van backgammon is dat elke speler zijn stukken in zijn thuisveld krijgt en uiteindelijk van het bord afkrijgt. De speler die het eerst al zijn stukken van het bord af krijgt is de winnaar. Hieronder zie je een leeg speelveld.
.jpg)
Je ziet 24 driehoeken die punten of pips worden genoemd. De punten zijn genummerd van 1 tot en met 24 wat ook meteen de speelrichting is. De tegenspeler speelt in tegenovergestelde richting, dus van linksboven punt 24 tot en met linksonder punt 1. Elke speler begint met 15 stenen. Wanneer je met wit speelt begin je met je 15 speelstenen in de eerste vak met de punten 1 tot en met 6. Je tegenspeler speelt dan met zwart en begint uiterst rechts in zijn beginvak (punten 19 t/m 24). Je komt elkaar dus ergens in het midden tegen waar de confrontatie zal gaan plaatsvinden.
Hieronder zie je de speelrichting:

Wit begint met zijn speelstenen linksonder in vak 4 en richt zich op zijn route naar vak 1 linksboven. Zwart doet het tegenovergestelde en speelt terug van punt 24 in vak 1 naar vak 4 linksonder.
De beginopstelling is als volgt:

Wit plaatst dus zijn speelstenen als volgt:
- 2 stenen op punt 1. Dit vak is het thuisveld van zwart.
- 5 stenen op put 12. Dit vak is het buitenveld van wit.
- 3 stenen op punt 17. Dit vak het buitenveld van zwart.
- 5 stenen op punt 19. Dit vak is het thuisveld van wit.
Hetzelfde geldt voor zwart.
Start spel
Om te bepalen wie het eerst mag beginnen gooit elke speler één dobbelsteen. Wie het hoogste aantal ogen gooit begint. Wanneer je aan de beurt bent gooi je met 2 dobbelstenen tegelijkertijd. Ieder gegooid aantal ogen per dobbelsteen is één zet. Met iedere zet verplaats je één steen. Je mag per beurt dus 2 zetten doen. Wanneer je de dobbelstenen hebt geworpen mag je je speelstenen verzetten.
Als je twee keer hetzelfde gooit, bijvoorbeeld twee keer vier, dan heb je een dubbel gegooid. Je mag nu 4 keer zetten in plaats van 2 keer. Dus:
Bij 1-1 speel je 4 x 1
Bij 2-2 speel je 4 x 2
Bij 3-3 speel je 4 x 3
Bij 4-4 speel je 4 x 4
Bij 5-5 speel je 4 x 5
Bij 6-6 speel je 4 x 6
Hieronder zie je een voorbeeld van hoe je de speelstenen kunt verplaatsen.

Zwart gooit: 1-5
Hierboven zie je dat zwart met één speelsteen 1 punt vooruit gaat. Hij gaat met één speelsteen van punt 24 naar punt 23. Zijn andere speelsteen speelt hij van punt nummer 13 naar punt nummer 8 waar al 3 speelstenen stonden. Dit zijn er nu dus 4.
Slaan/geslagen worden
Wanneer je je speelstenen verplaatst moet je goed opletten of je je tegenstander wel of niet kunt slaan. Wanneer je slechts één speelsteen op een punt hebt staan dan kun je worden geslagen. Een speelsteen die alleen op een punt staat wordt een blot genoemd. Wanneer je twee of meerdere speelstenen op een bepaald punt hebt staan dan blokkeer je dat punt en zijn je speelstenen hier veilig. Je kunt dan dus niet geslagen worden op dit punt. Wanneer je steen geslagen wordt dan moet je met je steen helemaal terug naar het begin. De geslagen speelsteen wordt zolang hij niet opnieuw is ingebracht op het middenbalkje (bar) neergelegd.
Voorbeeld:

Wit gooit 6-4. Wanneer hij de 6 nu speelt met een speelsteen vanaf punt 1 kan hij de blot van zwart slaan op punt 7. Het tweede gedeelte van zijn zet (4) speelt wit met een speelsteen vanaf punt 12 naar punt 16.
Uithalen van je speelstenen
Wanneer een speler al zijn 15 speelstenen uiteindelijk in zijn thuisveld heeft geplaatst mag hij stenen uit gaan halen. Dit wordt ook wel “bear off” genoemd. Wanneer een speelsteen is uitgehaald kan deze niet meer geslagen of terug in het spel gebracht worden. In het volgende voorbeeld hebben zowel zwart en wit beide hun speelstenen in hun thuisveld staan. Ze mogen nu de speelstenen uithalen. Wie het eerste al zijn stenen heeft uitgehaald is de winnaar. Zwart gooit als eerste en zal de speelsteen uit gaan halen die op het punt staat dat correspondeert met het aantal gegooide ogen met de dobbelstenen.

Zwart haalt één steen van punt 4 uit. Daarna, omdat punt 6 en punt 5 al leeg zijn, haalt zwart nog één steen vanaf punt 4 uit. Dit is een belangrijke regel bij het uithalen van je speelstenen. Wanneer je dus al je speelstenen op een punt zou hebben staan weet je zeker dat je altijd uit kunt halen.
Puntentelling
Je kunt op drie manieren het spel winnen: met een Single point (één punt), een Gammon of een Backgammon.
Single point (1 punt)
Je wint een "Single point" wanneer je als eerste al je 15 stenen hebt uitgehaald. In dit geval heeft ook je tegenstander op zijn minst één van zijn speelstenen uitgehaald.

Gammon (2 punten)
Je wint met een gammon wanneer je als eerste al je 15 stenen hebt uitgehaald en je tegenstander nog geen enkele steen heeft uitgehaald.

Backgammon (3 punten)
Je wint met een backgammon wanneer je als eerste al je 15 stenen hebt uitgehaald. Wanneer je tegenstander nog met één of meer stenen in jouw thuisveld staat en nog geen enkele steen heeft uitgehaald, win je met een backgammon. Dit is de ultieme overwinning en je wint in één keer 3 punten.

Speel gratis met oefengeld of echt geld bij o.a.



















